Naar de duisternis
De voorbije maanden ben ik zelf dieper gaan voelen. Niet meer kijken met mijn hoofd zoals vroeger, maar ervaren met mijn lijf.
Zo deed ik onder andere een darkness retreat. Vijf dagen zat ik in stilte in totale duisternis. Geen telefoon, geen licht, geen afleiding. Eén keer per dag eten. Mediteren op een mat met de totaal niet intimiderende vraag: “Wie ben ik?”
Na dag twee was het antwoord niet bepaald: een evenwichtige vrouw met een goed gereguleerd zenuwstelsel. Maar eerder: een stijlvol sukkelend vrouwmens met veel gedachten, oude angstjes en een opvallend intense relatie met haar eigen ademhaling.
Daar in dat donker kon ik nergens naartoe. Niet naar mijn werk. Niet naar mijn rollen. Niet naar mijn hoofd, waar ik anders zo mooie analyses maak van mijn eigen patronen.
Ik kon alleen voelen.
En dat is confronterend, want ik besefte dat ik dacht mezelf te kennen omdat ik mezelf en mijn patronen kon uitleggen, terwijl mijn lijf eigenlijk iets anders deed.
Van inzicht naar praktijk
Dat werd ook pijnlijk helder na mijn scheiding. Na achttien jaar relatie zetten mijn partner en ik er vorige zomer een punt achter. We hadden veel beleefd, veel gezocht, veel geprobeerd, ook buiten de klassieke lijntjes van liefde en relatie. En toch kwam ik op een bepaald moment bij een eenvoudige waarheid:
Ik bleef niet omdat het klopte.
Ik bleef vooral ook omdat ik bang was om alleen te zijn.
Auwch. Geen inzicht voor op een tegeltje, wel ééntje dat binnenkomt.
Daar zag ik mijn romantische droom scherp: mijn neiging om verhalen te maken die mooier zijn dan de realiteit. Om mensen of situaties op een voetstuk te zetten. Om verlangen te verwarren met verbinding. Mijn hoofd kan daar prachtige scenario’s van maken. Echt waar, mijn hoofd verdient een award.
En tegelijk: zou het de volgende keer écht anders zijn?
Ik betwijfelde het. Dus terwijl mijn hoofd ontroerd Oscars in ontvangst nam voor alweer een mooie analyse, werd ik eerlijker met mijn lijf.
Want het gaat mij niet meer om het herkennen van de patronen – daar was ik eigenlijk allang. Het gaat mij om een concrete praktijk te ontwikkelen die ik kan inzetten om eruit te blijven
.
Een aantal fysieke oefeningen die ik oppikte en zinnetjes als: “Breathe. Slow Down. Do the opposite. How can I serve?” (ik kan er ook niet aan doen dat veel van die cursussen in het Engels gegeven worden…) helpen mij om door momenten te raken waar ik anders weer mijn bange kind aan het stuur had laten zitten.
Wat ik leerde in mijn cursussen kan ik samenvatten als: conducten. Het door mij heen laten stromen van al de wilde emoties zonder dat ik er onmiddellijk iets mee moet. De haakjes van mijn patronen voelen, en er niet aan trekken. Niet reageren, controleren, rechtvaardigen, vechten… Dat is bijzonder lastig! En telkens het mij lukt, voel ik me weer een stukje vrijer en opgeluchter.
Vandaag ben ik tien maanden single, met de intentie om dat nog minstens een jaar te blijven. Niet als straf. Niet omdat liefde verdacht is. Maar omdat ik wil leren om bij mezelf te blijven vóór ik opnieuw naar iemand anders beweeg.
En daar zit voor mij de kern: Ik wist allang waarom ik deed wat ik deed, maar nu is het tijd om het ook echt anders te gaan neerzetten.