De vijf denklijnen van inspirerend coachen

De vijf denklijnen van inspirerend coachen

Inspirerend coachen is een postgraduaat aan de Arteveldehogeschool. Op donderdag 25 april 2019 hebben wij Anne Breda uitgenodigd op het Yourcoach café voor een interactieve workshop over deze vorm van coachen. Het werd een boeiende avond waarin Anne ons de vijf denklijnen van deze methode heeft toegelicht én liet ervaren.

Sfeerbeelden

Een overzicht van alle foto’s vind je hier.

Wat is ‘inspirerend coachen’?

Alles waar leren aan te pas komt, daar is coaching op zijn plaats, stelt Anne Breda. Inspirerend coachen is kort gezegd het uitlokken en vervolgens begeleiden van een leerproces.

Leren mag je zeer ruim beschouwen: van intellectueel leren (vb. studies), het aanleren van nieuwe (technische) vaardigheden (vb. leren werken met een nieuw ICT programma), tot relationeel leren (vb. hoe kan ik omgaan met klanten of collega’s) en emotioneel leren (vb. hoe kan ik omgaan met angst).

De techniek van inspirerend coachen is gebaseerd op deze vijf denklijnen:

  • Coaching begint voor het begint.
  • De coachee helpen stilvallen.
  • Comfortabel zwemmen in feedback.
  • Inspireren en uitdagen.
  • Ruimte voor hindernissen.

1. Coaching begint voor het begint

Een gesprek begint, nog voor het echt begint. Dit licht Anne toe aan de hand van een voorbeeld:

Stel, je moet samenwerken met Sofia. Dan bepaalt jouw blik over Sofia de manier waarop jij de samenwerking zal ervaren.

Als je denkt: “Sofia, dat is een lastig mens.”
Wat zal er dan gebeuren als je haar op de gang tegenkomt? Wat doe je en denk je dan? Je zal waarschijnlijk kijken naar overal, maar niet naar haar. Je zal haar niet spontaan aanspreken.
Sofia op haar beurt zal ook geen contact met jou zoeken.
Waarna jij kan denken: “Zie je wel, ze kijkt niet eens naar mij, het is echt een lastig mens.”
Deze ervaring bevestigt dus jouw vooronderstelling.

Maar wat zou er gebeuren als je denkt: “Sofia, dat is een toffe madam!”
Dan kijk je met een andere blik, vertoon je ander gedrag en zal er een andere uitkomst en een andere ervaring volgen die opnieuw jouw vooronderstelling bevestigt.

Anne besluit dat het belangrijk is om je bewust te zijn hoe je vooraf naar een (coach)gesprek kijkt. Als het vorige gesprek bijvoorbeeld moeilijk was, dan kan je denken “de vorige keer was het een lastig gesprek én ik ben benieuwd hoe het vandaag zal lopen”. Zo voorkom je alvast dat jouw vooronderstelling de uitkomst van het gesprek beïnvloedt.

2. De coachee helpen stilvallen

Vervolgens is het de taak van de coach om de coachee te helpen stilvallen. In deze video vertelt Anne waarom dit zo belangrijk is.

Wanneer iemand over een probleem vertelt, dan hebben wij als mens een onweerstaanbare drang om oplossingen te zoeken. Dat toont dat we van goede wil zijn en dat we die persoon willen helpen. Toch leidt het oplossingsgericht zijn niet altijd tot een goede of juiste oplossing.

Wanneer je bijvoorbeeld telkens een oplossing geeft, zal de persoon niet geprikkeld worden om zelf een oplossing te zoeken. Misschien is de oplossing die je aanreikt niet geschikt voor die persoon of schiet het zelfs helemaal naast het probleem.

Naast het denken in oplossingen kan ons brein nog iets anders, namelijk: stilvallen. Wanneer het brein stilvalt, ontstaat er ruimte waarin de oplossingen soms uit het niets opborrelen.

In plaats van naar oplossingen te zoeken, is het dus de taak van de coach om de coachee te helpen stilvallen. Vanuit die stilte krijgt de coachee de ruimte om naar zichzelf te kijken en zelf oplossingen aan te reiken.

Anne merkt op dat je tot nu toe als coach nog niet veel aan het doen bent en dat dat ook de bedoeling is.

3. Comfortabel zwemmen in feedback

De derde denklijn in het inspirerend coachen is om je coachee comfortabel te leren zwemmen in feedback.

De meeste mensen voelen zich niet comfortabel bij het ontvangen of geven van feedback en waardering. Toch is dit een heel belangrijk aspect in het leerproces. Je leert door te weten wat goed gaat en wat je moet bijsturen.

Feedback vraag of ontvang je niet van iedereen. Wanneer je gewaardeerd en gehoord wordt, zal je geneigd zijn om zelf feedback te vragen én te ontvangen. Wanneer de omgeving niet veilig aanvoelt, zal je daar veel minder toe geneigd zijn.

Vervolgens is ook de manier waarop je feedback geeft belangrijk: namelijk klein en concreet in plaats van groot en onpersoonlijk.  Zeg bijvoorbeeld: “Deze ochtend was je een half uur te laat.” in plaats van “Jij komt altijd te laat!”.

De woorden ‘altijd’ of ‘nooit’ maken feedback abstract, groot en ook onpersoonlijk wat ervoor zorgt dat je gesprekspartner de feedback moeilijk of niet kan ontvangen.

Een tip die Anne nog meegeeft is om continu bij te sturen en dus ook feedback te geven. Wacht niet om feedback te geven tot het jaarlijkse evaluatiegesprek, spreek de persoon sneller aan met kleine en concrete feedback. In teams waar men betrokken durft te confronteren en feedback geven, functioneren de teams optimaal.

4. Inspireren en uitdagen

“Mag het wat meer zijn?” vraagt Anne ons. Vaak hebben mensen schrik om te mislukken, maar evenzeer hebben mensen angst om te slagen in het leven. Het is die angst die mensen in hun comfortzone houdt. Want mag het wat meer zijn? Mag het spetteren en mag jij stralen? Je nek uitsteken voor datgene waar jij voor staat, dat is best spannend.

Anne verwijst daarbij naar deze quote van Marianne Williamson: “Our deepest fear is not that we are inadequate. Our deepest fear is that we are powerful beyond measure.

Enerzijds heb je als coach dus de taak om je coachee te triggeren en uit te dagen om net iets verder te gaan dan hij of zij van nature zou doen. Een vraag die je daarbij kan stellen is deze: “Wat zou jij heel graag doen? Waar zou jij deugd van hebben dat je echt niet durft?”

Anderzijds heb je ook de taak om je coachee te inspireren. Dat gaat over het verruimen van het denkkader. Een goede vraag die je daarbij kan stellen is: “Hoe zou je dit nog kunnen bekijken?” of “Hoe zou die andere persoon naar deze situatie kijken?”. Dit biedt ruimte en een blik voorbij de comfortzone.

5. Ruimte voor hindernissen

De laatste denklijn is die van ‘ruimte voor hindernissen’. Als coach is het belangrijk dat je ruimte geeft aan gevoelens.

Wij onderscheiden twee categorieën: positieve gevoelens zoals vreugde, blijdschap, dankbaarheid… en negatieve zoals boosheid, frustratie, verdriet, angst… Van die laatste willen we graag zo snel mogelijk vanaf. Dat doen we door ze geen ruimte te geven of te ontkennen. Het gevolg daarvan is dat die emoties groter worden of erger nog, dat je angstig wordt voor die emoties.

Wanneer je in gevecht gaat met een gevoel, keert het naar binnen, wordt het groter en zal het verharden. Wanneer het gevoel ruimte krijgt, zal het naar buiten keren, eerst iets groter worden om vervolgens te verzachten. Dit geldt zowel voor de negatieve als voor de positieve gevoelens die we ervaren. Ook enthousiasme is dus een emotie die alle ruimte verdient.

Als coach is het dus belangrijk om ruimte te houden voor de gevoelens van de coachee. Door die ruimte is het gevoel nog niet opgelost maar krijgt de coachee ruimte om erover te vertellen waardoor het gevoel zich kan ontspannen en de coachee een andere blik of ervaring krijgt.

 

Dankjewel Anne Breda voor deze heldere uiteenzetting. Anne is zo vrij geweest om haar presentatie van deze workshop ook ter beschikking te stellen: Inspirerend coachen – Presentatie Anne Breda

 

Leave a Reply